Home >> Cultuur

Van Hauwermeirsmolen vzw
Van Hauwermeirsmolen vzw werd opgericht om de watermolen in stand te houden, de waardevolle beekvallei te beschermen, culturele activiteiten te organiseren om de watermolen levend te houden, speciale aandacht te schenken aan jongeren.
De watermolen is één van de weinig overblijvende getuigen van een facet van ons bouwkundig erfgoed en daarom als gebouw op zich te bewaren.

  • het is een technisch verfijnde constructie, eenvoudig en efficiënt;

  • het is een gebeuren van energie, van waterkracht en zodoende opnieuw te benutten voor zachte energie;

  • het is een economische activiteit, een primair bedrijfje met ecologische waarde;

  • het staat aan de wieg van de voedselverwerking, voor mens en dier;

  • het is een cultuurhistorisch landschapselement, een restant van het menselijk ingrijpen in de natuur;

  • het is de kern van een biotoop, in een waardevolle beekvallei, met zijn specifieke fauna en flora;

  • het regelt de waterhuishoudkunde, is een primitieve waterzuiveringsinstallatie ;

  • het is een sociaal gebeuren ,ingeplant in een dorpsgemeenschap, de trekpleister voor de jeugd, de unieke zwemplek voor alleman, geliefd doel voor een wandeltocht en gemijmer langs de beekkant.

^ naar boven ^

Het wijndruifje van de molenarin en andere molenaarsvertellingen
Hoe ongeliefd én gevreesd de molenaar was in de maatschappij van de late middeleeuwen blijkt uit de vele vertellingen, kluchten en raadsels die te boek staan in "Molen en Molenaar te kijk gesteld" door Dr. Paul Huys.
Voor de laatmiddeleeuwse man was de molenaar een sluw en gevreesd man. Hij schepte vaak té diep in het meel in zijn eigen voordeel en werd daarom voor een dief en een bedrieger gehouden.
Door hun slagvaardigheid en slimheid, radheid van geest en tong, weinig respect voor klerikale overheid en de onbeschaamde vrijmoedigheid van de wispelturige molenarin, waren zij eeuwenlang een traditioneel type voor de volksvertellingen. De molenaar en zijn vrouw werden het toneel voor allerhande grappen en spotternijen.
"Ergens aan de Rijn wonen een molenaar en zijn vrouw, die zich tijdens de kerstdagen zodanig bedrinken dat ze beiden stomdronken naar huis gebracht moeten worden. Eens te bed, gaat de molenarin met het hoofd aan het voeteneinde liggen; ze moet een wind laten en blaast die haar man onder de neus. De molenaar denkt dat zijn vrouw aan het zuchten is omdat ze hun geld verzopen hebben en hij wil haar doen zwijgen. Maar ze blijft maar winden"zuchten", tot de molenaar, kwaad geworden, op haar billen begint te slaan. Bij die bewerking ontsnapt haar een wijndruif, die in de hand van de molenaar terecht komt. Hij meent dat hij haar een oog heeft uitgeslagen, maar als op zijn hulpgeroep de molenaarsknecht met een spaander vuur komt bijlichten, ziet de molenaar zijn vergissing in en stopt verheugd de wijndruif in zijn mond."( Het wijndruifje van de molenarin, Sachs,1531)

^ naar boven ^

De molen in de volksmuziek
De molenaar is in de loop der tijden steeds een belangrijke figuur geweest.
Niet voor niets zijn er daarom zoveel uitdrukkingen en zegswijzen die betrekking hebben op de molen of de molenaar.
"Dit is koren op zijn molen", "Zijn molen naar de wind keren", "Alle molenaars zijn geen dieven", "Ter molen gaan"(vrijen), "Een goede molen hebben"(een goed lief hebben), "Hillebillen"(stoeien, ravotten), "De koeken die de mulder bakt, steelt hij uit der boerenzak", "Een woekeraar, een molenaar, een wisselaar en een tollenaar zijn de vier evangelisten van Lucifer" laat aan duidelijkheid ook niets te wensen over.
In het volkslied is hij van oudsher ook een zeer beruchte figuur, waarin hij vaak voorkomt als vrijer of bedrieger. Door zijn werk 's nachts als overdag op zijn molen, dikwijls aan de rand of buiten de stad, was hij minder onderworpen aan de sociale controle dan de gewone burger. En van deze vrijheid kon hij gemakkelijk zowel de zoete als de zure vruchten plukken.
Met de molenarinnen moeten we ook terdege rekening houden. Denken we maar aan het loze vissertje die haar driemaal moest zoenen eer hij vandaan mocht gaan.
Veel meisjes kwamen graag naar de molen omdat de molenaar een goede partij was.

Over alle beroepen werden liederen gemaakt.
Over de smid en zijn smidse, de wever, de herder, de boer... In al die liederen primeert de arbeid. In liederen over de molen en de molenaar primeert de blijdschap. Als een tovenaar bedwingt hij de natuurelementen en water en wind voor hem het werk laat doen. Terwijl de molen draait en maalt kan de molenaar volop genieten van het leven. Vandaar dat hij in de volksliederen soms als luiaard of dronkaard voorkomt, maar meestal ook als een levensgenieter.

^ naar boven ^

Culturele evenementen
Van Hauwermeirsmolen was reeds een aantal keren een trefpunt van culturele manifestaties aan de hand van de aloude molenaarsverhalen en liederen.
"De klucht van de molenaar" (Brederode 1613) werd door regisseur Walter Arijs herschreven tot een sappig en kluchtig verhaal. Vele toeschouwers schaterden van plezier bij de laatste scheet die de stervende molenaar liet in het gezicht van de hebzuchtige duivel.

"Molenaars zijn zeldzaam in de hemel, zij zijn even zeldzaam in de hel" werd een hilarische bewerking van "le mystère de Saint-Martin, een farce uit Seurre (Frankrijk 1496). De molenheks, de duivel, vuurwachters en watergeesten spraken dan ook al dikwijls tot de verbeelding van het talrijke publiek.

 

 

 

^ naar boven ^


^ naar boven ^